Overgenomen uit: Hartsticke Bosch – maart 2026 (tekst gaat door onder de afbeeldingen)


DE OUDSTE SPELERS VAN DE CLUB GAAN NOG ALTIJD MET PLEZIER TOT HET GAATJE


De een is met zijn 80 jaar de oudste competitiespeler van hockeyclub ‘s-Hertogenbosch en al 55 jaar lid; de ander doet daar met zijn 79 jaar nauwelijks voor onder. Loek Willems en Karel van Hemert, want om deze mannen gaat het, zijn niet alleen wekelijks bij heren 45+ in het zwart-geel te bewonderen, maar vertegenwoordigen Nederland bovendien al jaren bij de Masters.


Willems, tevens lid van verdienste, werd als 23-jarige achter een bar bij de Sint Jan vandaan geplukt om een potje mee te spelen. Sindsdien is hij verknocht aan het spel en als linksmidden en -achter een gevaar voor menig tegenstander. Als speler van Masters-teams in diverse leeftijdscategorieën hockeyde hij al tegen landen als Japan, Argentinië, Australië en natuurlijk buurland Duitsland en angstgegner Engeland.

Dat Van Hemert het tot de Oranje Masters heeft geschopt, is misschien nog wel bijzonderder. Hij begon namelijk pas op 43-jarige leeftijd met hockey, als keeper welteverstaan.

‘Daarvoor werkte ik in de export en was ik vaak weken weg van huis. In die jaren heb ik veel gefietst door heel Europa, maar mij committeren aan een team was simpelweg geen optie. Toen ik eens gevraagd werd om in te vallen had ik nog nooit op doel gestaan. Maar ik was niet bang voor de bal en heb een aardig reactievermogen.’


LANDSKAMPIOEN

In hun hockeyjaren, waarvan vele in dezelfde ploeg, sleepten de heren de nodige prijzen in de wacht, met een landskampioenschap als hoogtepunt. Van Hemert: ‘Dat was in het seizoen 2015-2016. Met ons veteranen L-team behaalden we de titel. Dat was natuurlijk prachtig.’ Ze mogen wel steeds ouder worden; het fanatisme zit er bij Willems en Van Hemert nog volop in. ‘En niet alleen bij ons’, vertelt Willems. ‘In ons team bij ’s-Hertogenbosch zitten in totaal zeven spelers die ook tot een van de Oranje Master-teams behoren, inclusief oud-internationals als John Eiffers en Peppi Hanusch. Paultje Verloop maakte eens deel uit van Jong Oranje. Ze zijn nu allemaal ver in de zeventig, maar hockeyen? Dat kunnen ze nog steeds. Natuurlijk gaat het niet meer zo snel als vroeger, maar die techniek verleer je niet snel.’


FIT

Naast het clubhockey komen Willems en Van Hemert iedere twee weken ergens op een vereniging in Nederland bijeen voor een 60+-competitie. Willems: ‘Dat is prettig, omdat we dan meer met leeftijdsgenoten spelen dan tijdens onze reguliere 45+-competitie. We spelen steeds drie wedstrijden van dertig minuten. Dat gaat er stevig aan toe. Het is niet een beetje wandelen achter de bal, maar echt rennen. Zonder conditie lig je er snel buiten.’ Om fit te blijven, trainen de mannen ook buiten de wedstrijden om. ‘Op de loopband, padellen, golfen, fietsen’, somt Willems op. ‘Als je op de bank blijft zitten, kan je het wel schudden.’ Ook Van Hemert spant zich regelmatig in. ‘In de zomer fiets ik veel buiten en ‘s winters binnen op de hometrainer. En iedere week train ik anderhalf uur met onze ploeggenoot Joost van Bergen. Dan kan hij lekker slaan en ik oefenen met ballen stoppen.’


EEN LEVEN LANG HOCKEY

Los van de sportieve prestaties genieten Van Hemert en Willems minstens zoveel van het sociale aspect dat hockey met zich brengt. Willems: ‘Al vijftien jaar komen we overal op de wereld voor internationale toernooien. Dan kom je vaak dezelfde mensen tegen en dat schept natuurlijk een band. Na de wedstrijden drinken we een biertje met elkaar en borrelen we na. Dat is reuze gezellig.’ Van Hemert: ‘In de eerste klas van de lagere school zat ik naast een maatje. Die had ik sindsdien niet meer gezien. Tot zes jaar geleden. Toen kwam ik hem tegen bij de 70+-Masters. Zulke bijzondere ontmoetingen doen zich vaker voor binnen het hockeywereldje.’

Een leven lang hockey is het motto van de mannen en zijn daarin een leidend voorbeeld. Voorlopig weten ze niet van stoppen. ‘Komende zomer staat het WK in Breda voor de mannen en Brasschaat voor de vrouwen op het programma. De selecties moeten nog plaatsvinden, maar reken maar dat wij er alles aan doen om daarbij te zijn.’

©2026 NHC60+